Metrosexueel

zaterdag 05 juni 2004 | Column | archief
Het is zover! Na 30 jaar strijd en vernedering ben ik eindelijk bovenaan de ladder beland. Ik ben Het, Ik ben het levende bewijs van de stelling dat alles een keer hip wordt, als je maar lang genoeg wacht. 30 Jaar lang heb ik achter alle trends aangehobbeld. Kleding, kapsel, muziek, het maakte niet uit, altijd was ik net te laat. Altijd was ik een mooie samenvatting van wat de jaren daarvoor in was geweest.

Kocht ik Nikes, liep het hele land op Lotto’s, en andersom.. Luisterde ik naar  Wham, bleken ze alweer uit elkaar. Ik kreeg er mijn vinger maar niet achter. Tot nu!

 

Het begon een paar maanden geleden. Ik lag met mijn toenmalige vriendin in bed de zaterdagkranten door te spitten, toen ze weer eens de onbedwingbare neiging had om een heel artikel aan mij voor te lezen. Nu ergerde ik me al jaren aan deze typisch vrouwelijke eigenschap, maar deze keer hield ik me in. Het artikel ging namelijk over mij. Volgens haar.

Blijkbaar was er vanuit Amerika een nieuw soort man overgewaaid waar alle vrouwen, of op z’n minst een heleboel vrouwen, wat ook genoeg is voor mij, schaamteloos en hulpeloos voor vielen: De Metrosexueel.

Ik dacht nog even dat ze met een flauw grapje verwees naar die ene onstuimige keer dat we het op het toilet van een tankstation hadden gedaan en dat dit een opmaatje was naar een poging om onze sexualiteit nieuw leven in te blazen, maar nee. De Metrosexueel bestond echt en was een soort van kruising tussen een macho en een homo. Een sterke man die niet bang is om zijn vrouwelijke kanten te tonen. Een goed verzorgde man die met gemak een kastje in elkaar zet, die kan luisteren en kan zeggen waar het op staat. En hoe meer ze me voorlas, hoe meer ik ervan overtuigd raakte dat het inderdaad over mij ging: Als er iemand een wannabe-macho is van wie iedereen denkt dat ie homo is ben ik het wel.  Ik dacht aan mijn wastafel, met de Hydraterende Creme van Nivea Visage, de face-scrub van de Body Shop en de luchtjes van Hugo en Opium, en aan mijn Gucci bril en mijn Dolce en Gabana-broek, en aan mijn voetbalelftal en die keer dat ik een wedstrijd uitspeelde met een gebroken arm, en mijn handigheid met het leggen van vloertjes en het repareren van fietsen, en aan het feit dat ik de week ervoor nog gehuild had om redenen die er nu verder niet toe doen.

Toen ze klaar was met lezen keek ze me triomfantelijk aan, en ik keek nog triomfantelijker terug. In een kwartier tijd had ze me met haar verhaal getransformeerd van een ingekakte bijna-dertiger tot de Meest Begerenswaardige Man van Nederland. Ik bedankte haar vriendelijk en besloot haar meteen te dumpen om met mijn nieuw verworven status mijn geluk te gaan beproeven.

 

En verdomd, ze had gelijk. De vrouwen vallen bij bosjes voor me. Niet dat dat mijn verdienste is, ik heb het geheel en al aan hen zelf te danken. De Metrosexueel is natuurlijk een vrouwelijk uitvinding. Geen enkele man zou ooit zo’n bizarre combinatie van eigenschappen bedenken voor zichzelf. Vrouwen hebben gewoon alles wat ze ooit in een man zouden kunnen zoeken, hoe tegenstrijdig ook, op een grote hoop gegooid en nu zijn ze massaal op zoek naar iemand die in dat plaatje past. Niet dat er man bestaat die aan alle eisen zou kunnen voldoen, natuurlijk niet, maar de illusie wekken is genoeg. Dan ben je binnen, als man. Bij de Metrosexueel draait alles om contrasten. Als je dat door hebt is de rest een eitje.

 Dus bouw zelf een stoer bed voor haar, en schilder het eigenhandig roze, en ze zal je prijzen. Neem haar, in dat bed, bruut van achter terwijl je ondertussen zachtjes sonnetten van Kopland in haar oor fluistert en ze zal voor je smelten. Druk haar na haar 6e orgasme dicht tegen je geschoren borst en verklap haar tussen de satijnen lakens zachtjes huilend dat je het de avond daarvoor met haar zus hebt gedaan, en  ze zal met je trouwen. God, wat houd ik van vrouwen. Het leven is nog nooit zo simpel geweest.

Archief

blijf op de hoogte van ernst